Adverb

Grundform

'Retour' beschrijft een terugreis, vaak in combinatie met vervoersmiddelen.

retour
"Ik heb mijn retourticket geboekt."

Positionen im Satz

  • begin

    "Retour heb ik altijd snel geboekt."

    Benadrukt dat het om de retourreis gaat.

  • midden

    "Ik heb een ticket retour naar Amsterdam."

    Normale positie, neutrale nadruk.

  • eind

    "We moeten ook de retour inplannen."

    Spreker legt nadruk op de terugreis.

Komparativ

retourer
"Hij reist retourer dan voorheen."

Vergelijkbare structuren zijn ongebruikelijk; 'retour' wordt meestal niet in vergelijking gebruikt.

Superlativ

retourst
"Het is de goedkoopste retourst die ik heb gevonden."

Superlatieven zijn zeldzaam met 'retour', doorgaans focust men op de prijs of de route.

HĂ€ufige Kombinationen

  • with "ticket"

    "retourticket"

    Een specifiek type ticket voor een rondreis.

  • with "vlucht"

    "retourvlucht"

    Een vlucht die teruggaat naar de oorspronkelijke plaats.

  • with "reis"

    "retourreis"

    Een reis waarbij men terugkeert naar het startpunt.

Ähnliche Wörter

  • terug

    "Ik ga terug naar huis."

    Algemener gebruik reden voor terugkeer.

  • roundtrip

    "We boeken altijd een roundtrip voor de vakantie."

    Engelse term voor zelfde idee, casual gebruik.

Wichtige Hinweise

  • usage:Vaak gebruikt in de reisindustrie, minder gebruikelijk in informele gesprekken.
  • position:De plaats in de zin verandert de nadruk maar niet altijd de betekenis.
  • register:Kan zowel in formele als informele situaties gebruikt worden.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.