Sleutel
Singularformen
'Sleutel' is een zelfstandig naamwoord dat meestal gebruikt wordt om een voorwerp aan te duiden waarmee je een slot kunt openen of sluiten. Het wordt vaak in het enkelvoud gebruikt als je het over één specifieke sleutel hebt.
- Bestimmt (de/het)
- Unbestimmt (een)
- Ohne Artikel
Pluralformen
In het meervoud wordt 'sleutels' gebruikt als je het over meerdere sleutels hebt. Bijvoorbeeld als je meerdere sleutels voor verschillende sloten hebt.
- Bestimmt (de)
- Ohne Artikel
Verkleinerungsform
Het 'sleuteltje' wordt vaak gebruikt om iets kleins of schattigs aan te duiden, of om een gevoel van vertedering of zorgzaamheid uit te drukken.
informeel
Häufige Komposita
huissleutel
sleutel voor de deur van een huis
autosleutel
sleutel voor een auto
sleutelbos
een bos met meerdere sleutels
sleutelwoord
belangrijk woord in een tekst of gesprek
Häufige Wortkombinationen
verliezen
Het werkwoord 'verliezen' wordt vaak gebruikt met 'sleutel' omdat het een veelvoorkomend probleem is.
vinden
Het werkwoord 'vinden' wordt vaak gebruikt in combinatie met 'sleutel' als je zoekt naar iets dat kwijt is.
afsluiten
Het werkwoord 'afsluiten' wordt gebruikt om aan te geven dat je een deur of iets anders met een sleutel dichtdoet.
draaien
Het werkwoord 'draaien' wordt gebruikt om de beweging van de sleutel in het slot te beschrijven.
Wichtige Hinweise
- usage:Het woord 'sleutel' kan ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld in 'sleutel tot succes' (key to success).
- countability:'Sleutel' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus spreken van 'een sleutel', 'twee sleutels', enzovoorts.
Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.