Adjective

Attributive Formen

Als je zegt 'de vlakke tafel', gebruik je het woord 'vlak' vóór het zelfstandig naamwoord. Dit laat zien dat de tafel geen hobbels heeft.

Mit bestimmtem Artikel
de vlakke / het vlakke
"De vlakke tafel is makkelijk om op te schrijven."
Mit unbestimmtem Artikel
een vlakke
"Ik heb een vlakke kaart nodig."
Ohne Artikel
vlak
"De grond is vlak."

PrÀdikative Form

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je 'vlak': De tafel is vlak, wat betekent dat hij recht is en geen verhogingen heeft.

vlak
"De tafel is vlak."

Komparativ

Bij de vergrotende trap gebruik je 'vlakker' om te vergelijken. Bijvoorbeeld: 'de vloer is vlakker dan de muur'. Dat betekent dat de vloer meer gelijk is dan de muur.

Grundform
vlakker
"Deze vloer is vlakker dan die andere."
Mit „dan"
vlakker
"De nieuwe vloer is vlakker."

Superlativ

Voor de overtreffende trap gebruik je 'vlakste'. Bijvoorbeeld: 'de vlakste oppervlakte is die van de tafel', wat de meest vlakke oppervlak aangeeft.

Attributiv
vlakste
"Dit is de vlakste tafel in de winkel."
PrÀdikativ
vlakst
"Deze tafel is het vlakst van allemaal."

Wichtige Hinweise

  • usage:'Vlak' wordt gebruikt om iets aan te duiden dat niet verhoogd of ongelijk is.
  • spelling:De vormen voor de vergrotende en overtreffende trap worden gevormd met '-er' en '-st'.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.