Vreten
VerbB2
Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Beispiele
Hij vreet iets onder de tafel.
tegenwoordige tijd, indicatief
Zij vrat het laatste stuk kaas op.
verleden tijd, indicatief
Ik heb gevreten van de overvloed.
voltooid deelwoord, indicatief
Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.