NEDERLANDS
🇩🇪

Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

51–100 von 314 Wörtern

Häufige Wörter
51genn. — erfelijke eenheid in het dna
52mitsn. — voorwaarde of voorbehoud
53garnaaln. — klein schaaldier dat als voedsel wordt
54inflatien. — algemene stijging van het prijsniveau
55hern. — regionaal verouderd woord voor heer meneer
61erfelijkadj. — van ouders op kinderen overgedragen genetisch
69wedden. — gok bedrag
71lichaamsdeeln. — onderdeel van het lichaam
72werklozeadj. — geen baan hebben
Weniger häufige Wörter
Häufige Wörter
Weniger häufige Wörter
84dierenbeschermingn. — zorg voor dieren
88bouwvakkern. — iemand die professioneel op de bouw
90farmaceutischadj. — betrekking hebbend op geneesmiddelen of de
91bestraffenv. — iemand een straf of sanctie geven
92complicatien. — extra probleem of moeilijkheid vaak bij
93vernoemenv. — noemen vaak een naam geven naar
94vraagtekenn. — symbool voor vraag
95bonafideadj. — echt te goeder trouw
96neerslagn. — hemelwater
97communicatiesysteemn. — systeem voor het uitwisselen van informatie
98equivalentn. — iets dat gelijkwaardig is aan iets
100opgefokteadj. — geagiteerd opgewonden of zenuwachtig