Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

6001–6050 von 89581 Wörtern

Häufige Wörter
6002sessie
6003poederB1
6004positiesn.plaats of standpunt
6005naait
6007lijfwachtB2
6008koppelenA2v.verbinden van dingen
6009inhoudenA2
6011vloekenA2n.aanroep om kwaad
6012clowns
6013gedeeldv.uit elkaar halen
6014hertA2
6018weerstandB1
6019vlinderA2v.de handeling van vliegen
6020sufferdA2
6021tarzan
6023spreukA2
6024sloegenv.iets of iemand raken
6025brandy
6026belangstellingA2n.interesse in iets
6027aflopenA2v.beëindigen
6028passerenA2
6029wortelA2
6031voorheenB1
6032voorschotA2
6037treurigA2
6040sprookjeA2
6043luizenv.meervoud van luis
6044krabbenA2v.werkwoord van krabben
6045knijpenA2
6047afspraakjesn.een bepaalde afspraak
6048afgelegenB2
6049groeiB1v.ontwikkelen in grootte