NEDERLANDS
🇩🇪

Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

6251–6300 von 89581 Wörtern

Häufige Wörter
6252gulB1
6253stromenA2
6254marihuanaB1
6255huisdierA2n.huisdier of mascotte
6256huurdev.temporaire overeenkomst
6258rector
6259tomatenn.rode eetbare vrucht
6260luisA1v.meervoud van luis
6261uitvindenA2
6262mediumB2n.communicatiemiddel of tussenstof
6265aangegevenv.iets vertellen of tonen
6266ernst
6267kleinsteadj.van geringe omvang
6269zijkantA2
6270welzijnA2
6271bush
6273bouwde
6274corruptC1adj.moreel verdorven
6275algemenen.algemeen begrip
6277allereerstA2adj.als eerste ten eerste
6278verplichtingenn.wettige verplichting
6279fox
6280wegrennenB2
6286inval
6287nauwA2
6288opmakenA2v.afmaken of in orde maken
6291pakhuisA2
6292ontkentv.iets niet toegeven
6293lokaalA2
6295gescheurdv.stuk maken trekken
6296aangaanA2v.separable werkwoord beginnen aangaan of aanzetten
6297erfgenaamA2
6298ziektesv.lijden aan
6300familielidA2n.lid van een familie