Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

4051–4100 von 89581 Wörtern

Top 5.000 — umfassender Wortschatz
4051augustusA2
4053stijve
4054statusB1
4055lik
4056koppigB1
4058bukkenA2v.buigen voorover
4059achttienA2
4060sowiesoB1
4061ontbijtenA1v.de maaltijd nuttigen
4063ladenA2v.iets inladen
4064gekustn.kussen als voorwerp
4065gore
4069bioscoopA2n.plaats voor films
4070merktv.waarnemen of in acht nemen
4071leuksadj.aantrekkelijk of plezierig
4072schrokv.plotseling bang worden
4073aankan
4074lakens
4075honkbalB2
4076hedenB1
4077openingA2
4078zuiverB1v.iets schoon maken
4080bliksemA2
4081poosjen.kort tijdsbestek
4082omheenA2adv.rondom iets bewegen
4083lage
4084angeln.steek voor vis
4085gevlogenv.zich voortbewegen in de lucht
4086weigerdev.niet toestaan of accepteren
4087veranderingenn.wijziging van iets
4088vermistev.niet hebben
4090bod
4092jaagtadj.snel en gejaagd
4093geloofdn.vertrouwen in persoon
4094gelandv.meervoud van land
4095
4096winkelcentrumA1n.verzameling winkels onder een dak
4097tredenA2v.stappen of gaan
4099gebedA2
4100hieropA2