NEDERLANDS
🇬🇧

Bespreken

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

overgankelijk werkwoord

Wordt vaak gebruikt in formele of professionele contexten om discussies of overleg aan te duiden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • Ik bespreek de agenda met mijn collega's.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij besprak het contract met de klant.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • We hebben het al besproken.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Bespreek dit alsjeblieft met je leidinggevende.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.