NEDERLANDS
🇬🇧

Jaloers

AdjectiveA2

Attributive forms

Als je 'jaloers' voor een zelfstandig naamwoord zet, gebruik je 'jaloerse'. Bijvoorbeeld: 'de jaloerse kat' of 'een jaloerse blik'. Dit geldt voor zowel de- als het-woorden.

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'jaloers'. Bijvoorbeeld: 'Hij is jaloers' of 'Zij wordt jaloers'.

Comparative

Om te zeggen dat iemand meer jaloers is dan een ander, gebruik je 'jaloerser'. Bijvoorbeeld: 'Zij is jaloerser dan haar broer'. Je kunt ook 'jaloerser dan' gebruiken om een vergelijking te maken.

Base form
With "dan"

Superlative

Voor de overtreffende trap gebruik je 'jaloerste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat, bijvoorbeeld: 'de jaloerste persoon'. Als het na een werkwoord staat, gebruik je 'jaloerst', bijvoorbeeld: 'Hij is het jaloerst'.

Attributive
Predicative

Important notes

  • spelling:In de stellende trap krijgt 'jaloers' een -e in attributieve positie (voor een zelfstandig naamwoord).
  • usage:'Jaloers' wordt vaak gebruikt om gevoelens van afgunst of nijd te beschrijven, vooral als iemand iets heeft wat jij ook graag wilt.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.