Komen
Verberaan komen; in een bepaalde richting naar iets of iemand toe bewegen of gaan
(iemand komt naar huis)
Hij komt elke avond tegen zes uur thuis.
Kom je straks naar het park?
- Complex
Omdat hij altijd vroeg naar huis komt, kan hij zijn kinderen zien voordat ze naar bed gaan.
- Future Tense
Ik zal morgen vroeg thuis komen om te koken.
- Interrogative
Kom je vanavond naar ons toe?
- Context & Scenario
Tijdens de pauze komt hij eventjes naar de kantine.
- Idiomatic
Er is geen plek zoals thuis; daarom komt hij graag terug.
- Simple
Ik kom morgen naar het feest.
- Past Tense
Gisteren kwam ik laat thuis door het verkeer.
- Imperative
Kom nu naar huis!
- Context & Scenario
We hopen dat zij ook naar het festival komt.
- Synonym
Hij arriveert elke avond om zes uur.
- Compound
Ze komt vroeg thuis vandaag, want ze heeft de trein van vier uur gepakt.
- Present Tense
Ik kom nu naar huis.
- Declarative
Zij komt meestal rond zeven uur thuis.
- Context & Scenario
Na het werk kom ik thuis en ontspan ik me.
- Related Word
Ze naderen het huis met voorzichtigheid.
zich naar een bepaalde plaats bewegen (vanuit de positie van de spreker)
(iemand komt naar een bepaalde plek)
Kun je vanavond naar mijn huis komen?
Ze komt altijd te voet naar school.
- Compound
Compound Sentence: Hij komt naar het feest, maar zij blijft thuis.
- Future Tense
Future Tense: Morgen komt ze met de trein naar Amsterdam.
- Context & Scenario
Work/School: Elke ochtend komt hij ruim op tijd naar kantoor.
- Synonym
Synonym: Ze arriveert elke ochtend om acht uur op haar werk.
- Complex
Complex Sentence: Terwijl zij met de fiets komt, neem ik de bus.
- Present Tense
Present Tense: Ze komt elke woensdag naar de bibliotheek.
- Imperative
Decla...nce: Kom alsjeblieft op tijd naar de vergadering!
- Context & Scenario
Social Situations: Veel vrienden komen elke vrijdagavond naar het café.
- Idiomatic
Idiom: Kom maar op met die uitdaging!
- Simple
Simple Sentence: Hij komt snel naar de winkel.
- Past Tense
Past Tense: Vorige maand kwam hij elke dag naar het park.
- Context & Scenario
Everyday Life: Hij komt meestal te voet naar de markt.
- Related Word
Related Word: Zodra de trein vertrek klaarmeldt, kunnen de reizigers naar het perron komen.
arriveren of aankomen op een plaats
(iemand of iets komt op bestemming aan)
De trein komt om negen uur aan in Amsterdam.
Hij komt altijd te laat voor de vergadering.
- Complex
Hoewel de vlucht vertraging had, arriveerden de passagiers veilig op hun bestemming.
- Present Tense
Ik arriveer altijd vroeg op mijn werk.
- Future Tense
Zij zullen om vijf uur in Rotterdam arriveren.
- Context & Scenario
Wij arriveerden thuis na een lange wandeling.
- Related Word
Ik was opgelucht toen het pakket eindelijk aankwam.
- Simple
De bus arriveert om zes uur.
- Past Tense
Wij arriveerden gisteren bij het vakantiehuis.
- Interrogative
Wanneer arriveert de volgende bus?
- Context & Scenario
Mijn e-mail arriveerde te laat op kantoor.
- Synonym
De trein komt om half negen aan.
- Compound
De trein arriveert om acht uur, en de taxi zal daar op ons wachten.
- Declarative
De post arriveert elke ochtend rond tien uur.
- Imperative
Arriveer op tijd voor je afspraak.
- Context & Scenario
De gasten arriveerden net op het feest.
- Idiomatic
We zullen ons over de brug verplaatsen om stipt op tijd aan te komen.
zich bevinden of eindigen op een bepaalde plaats
(iets komt op tafel)
Het boek komt op de bovenste plank.
Waar komt dit schilderij te hangen?
- Simple
De vaas komt op de tafel.
- Present Tense
De taart staat nu op de tafel.
- Declarative
De bloemen komen elke lente op tafel.
- Context & Scenario
Elke ochtend komt de krant op de tafel.
- Context & Scenario
De koffie en koekjes komen op tafel als de vrienden arriveren.
- Idiomatic
Als alle kaarten op tafel komen, kunnen we het spel starten.
- Complex
Omdat de bloemen vers geplukt zijn, komt de vaas op de tafel om de kamer op te fleuren.
- Future Tense
De taart zal straks op de tafel komen.
- Imperative
Zet de kaarsen op de tafel!
- Synonym
De fotolijst wordt meestal opgehangen.
- Compound
De vaas komt op de tafel, maar de bloemen gaan in het water.
- Past Tense
De taart kwam gisteren op de tafel.
- Interrogative
Waar komen de kopjes te staan?
- Context & Scenario
De laptop komt op mijn bureau zodra de les begint.
- Related Word
De bloemen worden op de tafel gezet.
het gevolg zijn van iets
(een gevolg komt voort uit een actie of situatie)
Er is veel goeds gekomen uit dat idee.
Hieruit komen belangrijke lessen voor de toekomst.
- Compound
De storm was hevig en de schade was het gevolg ervan.
- Complex
Omdat de wegen slecht onderhouden waren, waren de vele ongelukken het gevolg.
- Simple
Een voorzichtig besluit kan het gevolg zijn van eerdere fouten.
in een andere toestand geraken
(iemand komt in problemen)
Als je zo doorgaat, kom je nog eens in moeilijkheden.
Hij kwam ineens tot een inzicht tijdens de vergadering.
- Compound
Compound Sentence: "Ze probeerde kalm te blijven, maar de omstandigheden brachten haar in een ongewenste toestand."
- Future Tense
Future Tense: "Zij zal in een betere toestand zijn na het project."
- Imperative
Imperative: "Kom niet in zo'n toestand!"
- Context & Scenario
Social Situations: "Iedereen op het feest was in een vrolijke toestand."
- Idiomatic
Incorporating Idiomatic Expressions: "Na al dat geklets raakte hij in de toestand van een kip zonder kop."
- Complex
Complex Sentence: "Toen hij de waarheid ontdekte, raakte hij in een onverwachte toestand van paniek."
- Present Tense
Present Tense: "Ze verkeert nu in een toestand van onzekerheid."
- Declarative
Declarative: "De situatie bracht hen in een benarde toestand."
- Context & Scenario
Everyday Life: "Door de regen raakten de straten in een gladde toestand."
- Synonym
Synonym: "Met zoveel stress, was hij in een chaotische situatie."
- Simple
Simple Sentence: "Hij is nu in een moeilijke toestand."
- Past Tense
Past Tense: "Hij raakte tijdens de presentatie in een grappige toestand."
- Interrogative
Interrogative: "Is ze in een veilige toestand na het ongeluk?"
- Context & Scenario
Work/School: "Tijdens de les raakten de leerlingen in een geanimeerde toestand."
- Related Word
Related Word: "Het debat bracht hen in een intense toestand van discussie."
in een bepaalde staat of situatie geraken
(iemand komt in een toestand of situatie terecht)
Ze kwam in de problemen doordat ze te laat was.
We komen hieruit met betere oplossingen.
- Complex
Toen het begon te regenen, kwam de festivalgangers in een natte toestand terecht.
- Compound
Zij kwam in een penibele toestand terecht, en haar vrienden hielpen haar.
- Simple
Hij raakte in paniek toen hij zijn portemonnee verloor.
bij een bepaald moment arriveren of bereiken
(het moment komt dat...)
Het moment kwam dat ze afscheid moesten nemen.
Er komt een tijd dat alles duidelijk wordt.
- Future Tense
Er zal een moment komen dat we dit vieren.
- Present Tense
Op dit moment voel ik me gelukkig.
- Declarative
Het juiste moment is alles wat telt.
- Context & Scenario
Bij een kopje koffie in Nederland, praten mensen vaak over de momenten van hun dag.
- Complex
Het moment komt dat je moet kiezen.
- Imperative
Vergeet niet het juiste moment te kiezen.
- Past Tense
Er is een tijd geweest dat momenten traag leken.
- Synonym
Bij dit moment denk ik altijd aan mijn oma.
- Interrogative
Welk moment herinnert je aan je jeugd?
- Past Tense
Elk moment van de vakantie was bijzonder.
- Future Tense
Ik hoop dat het moment snel zal komen.
- Synonym
Er komt een tijd waarop elk moment waardevol is.
bereiken wat je beoogt, slagen
(iemand komt tot een succes of resultaat)
Met hard werken kom je er wel.
Het plan komt daarentegen niet tot uitvoering.
- Simple
Je hebt succes.
- Present Tense
Ik behaal succes in mijn project.
- Declarative
Hij heeft veel succes in zijn carrièrere.
- Present Tense
Iedere ochtend begin ik mijn dag met een plan voor succes.
- Compound
Ik wens je veel succes met het spreekwoordelijke 'ei van Columbus vinden'.
- Complex
Als je veel oefent, zul je waarschijnlijk succes hebben in wat je doet.
- Past Tense
Vorige week bereikte ze groot succes met haar presentatie.
- Interrogative
Zal ze succes hebben als ze deze uitdaging aangaat?
- Past Tense
Hij werkte aan zijn scriptie en vond succes in zijn onderzoek.
- Complex
Mijn leraar zei dat je door goede planning succes zult vinden.
- Compound
Ik wil succes behalen, dus ik werk hard aan mijn doelen.
- Future Tense
Hij zal in de toekomst zeker succes boeken met al zijn inspanningen.
- Imperative
Werk hard en bereik je succes!
- Future Tense
Morgen ga ik mijn best doen om succes te behalen op het werk.