NEDERLANDS
🇬🇧

Onschuldig

AdjectiveA2

Attributive forms

Als je 'onschuldig' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert de vorm. Voor 'de'-woorden en meervoud gebruik je 'onschuldige' (de onschuldige vrouw, de onschuldige kinderen). Voor 'het'-woorden zonder lidwoord gebruik je 'onschuldig' (onschuldig plezier).

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'onschuldig'. Bijvoorbeeld: 'Hij is onschuldig' of 'Zij blijft onschuldig'.

Comparative

Om te zeggen dat iets of iemand meer onschuldig is, gebruik je 'onschuldiger'. Bijvoorbeeld: 'Zij is onschuldiger dan haar zus'. Je kunt ook 'dan' toevoegen om een vergelijking te maken.

Base form
With "dan"

Superlative

Voor de hoogste graad van onschuld gebruik je 'onschuldigst' na 'het' (het onschuldigst) of 'onschuldigste' vóór een zelfstandig naamwoord (de onschuldigste baby).

Attributive
Predicative

Important notes

  • usage:Het bijvoeglijk naamwoord 'onschuldig' kan zowel letterlijk (niet schuldig) als figuurlijk (onschuldig ogend) gebruikt worden.
  • spelling:In de overtreffende trap wordt 'onschuldigst' gebruikt na 'het' en 'onschuldigste' voor zelfstandige naamwoorden.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.