(overige en saldo)
De rest van de dag bleven we thuis.
Ik betaal dit nu, de rest volgende week.
De rest van het team komt morgen.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(eten en keuken)
In de koelkast staat nog een restje pasta.
Ze at de resten van gisteren op.
We warmen de resten in de magnetron op.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.