🇬🇧

Scheiden

1
Declarative
Past Tense
Idiomatic
Simple
Context & Scenario
Compound
Synonym
Imperative
Interrogative
Context & Scenario
Related Word
Complex
Context & Scenario
Present Tense
Future Tense
Een winterlandschap met een paar dat elkaar uit elkaar gaat, met voetsporen in de sneeuw, en op de achtergrond dorpsbewoners die winterse activiteiten doen.
2
Present Tense
Synonym
Imperative
Future Tense
Context & Scenario
Context & Scenario
Declarative
Related Word
Interrogative
Context & Scenario
Simple
Compound
Idiomatic
Complex
Past Tense
Een barokke laboratoriumscène met een wetenschapper en assistenten die kleurrijke chemische componenten scheiden.
3
Declarative
Past Tense
Complex
Context & Scenario
Future Tense
Synonym
Present Tense
Related Word
Imperative
Interrogative
Compound
Context & Scenario
Simple
Idiomatic
Context & Scenario
Een lerares scheidt studenten in groepen in een elegant ingerichte klaslokaal
4
Complex
Related Word
Context & Scenario
Compound
Future Tense
Synonym
Simple
Context & Scenario
Past Tense
Context & Scenario
Imperative
Present Tense
Interrogative
Idiomatic
Declarative
Dramatisch beeld van een donkere, kronkelige rivier tussen twee kleine dorpen, met zwevende mist en spookachtige zusters die elkaar bereiken over het water.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.