Auxiliary verb
hebben
regelmatig werkwoord (met uitzondering van enkele sterke vormen in verleden tijd)
Kan zowel letterlijk (vuur) als figuurlijk (emoties) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Ik verbrand altijd mijn tong aan de koffie.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Gisteren verbrandde ik de taart in de oven.
verleden tijd, aantonende wijs
Heb je ooit je vingers verbrand tijdens het koken?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Verbrand het afval niet binnen!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.