Verb
Auxiliary Verb
hebben
werkwoord
Het werkwoord 'voetballen' beschrijft de actie van het spelen van voetbal.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Tegenwoordig deelwoord
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Aanvoegende wijs
Gebiedende wijs
jij / je
jullie