Week

hetCommon Noun
1
Complex
Future Tense
Imperative
Simple
Past Tense
Interrogative
Context & Scenario
Compound
Present Tense
Declarative
Context & Scenario
Synonym
Idiomatic
Context & Scenario
Related Word
Vrouw haast zich met papieren en laptop door druk kantoor op maandagochtend
Drukke Maandagochtend op Kantoor in Jan Steen Stijl
Vrouw haast zich met papieren en laptop door druk kantoor op maandagochtend
2
Complex
Past Tense
Declarative
Present Tense
Synonym
Simple
Present Tense
Imperative
Future Tense
Idiomatic
Compound
Future Tense
Interrogative
Past Tense
Related Word
Dramatisch landschap met Ruisdael-achtige lucht, voorgrond met kantoorgebouw
Dramatisch Landschap met Kantoor en Ruisdael-Lucht
Dramatisch landschap met Ruisdael-achtige lucht, voorgrond met kantoorgebouw
3
Complex
Future Tense
Imperative
Synonym
Simple
Present Tense
Interrogative
Idiomatic
Compound
Past Tense
Declarative
Related Word
Synonym
Surrealistische kantoorafbeelding geïnspireerd op Hieronymus Bosch
Surrealistisch Kantoorlandschap van Hieronymus Bosch
Surrealistische kantoorafbeelding geïnspireerd op Hieronymus Bosch
4
Complex
Present Tense
Declarative
Context & Scenario
Synonym
Simple
Past Tense
Imperative
Context & Scenario
Idiomatic
Compound
Future Tense
Interrogative
Context & Scenario
Related Word
Cartoonfamilie arriveert bij oma's huis in het platteland met koffers, gebaseerd op Marten Toonder's stijl
Familie Bezoek aan Oma's Huis in Marten Toonder Stijl
Cartoonfamilie arriveert bij oma's huis in het platteland met koffers, gebaseerd op Marten Toonder's stijl