NEDERLANDS
🇳🇱

    Aanblazen

    B2uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • aanblazen

      Werkwoord/'anblazən; 'anblazə/

      infinitief

      aanblazen

      tegenwoordige tijd

      blaas aanaanblaasblaast aanaanblaastblazen aanaanblazen

      verleden tijd

      blies aanaanbliesbliezen aanaanbliezen

      tegenwoordig deelwoord

      aanblazendaanblazende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren