Aanvallen
Hulpwerkwoord
hebben
onregelmatig sterk werkwoord
Het werkwoord 'aanvallen' kan zowel letterlijk (fysieke aanval) als figuurlijk (een probleem aanpakken) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De leeuw valt de gazelle aan.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft de verdediging van de tegenstander aangevallen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Als hij de taak zou aanvallen, zou hij sneller klaar zijn.
onvoltooid verleden toekomende tijd, voorwaardelijke wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.