Aanvangen
Hulpwerkwoord
hebben
onregelmatig werkwoord, scheidbaar werkwoord
Het werkwoord 'aanvangen' wordt vaak gebruikt in formele contexten of om het begin van een formele gebeurtenis aan te duiden, zoals een ceremonie of vergadering.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De directeur ving de vergadering met een korte toespraak aan.
verleden tijd, aantonende wijs
Laten we morgen met het project aanvangen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft zijn nieuwe baan vorige maand aangevangen.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Vang direct met opruimen aan!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.