Aanwezig
Bijvoeglijk naamwoordA2
Attributieve vormen
Als je zegt 'de aanwezige mensen' of 'een aanwezige student', gebruik je 'aanwezig' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'aanwezig': De student is aanwezig.
Vergrotende trap
Om te vergelijken gebruik je 'aanweziger': Hij is aanweziger dan gisteren.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
De superlative is 'aanwezigst': Hij is de aanwezigst in de klas.
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Aanwezig' wordt vaak gebruikt om te zeggen dat iemand op een plaats is.
- spelling:Let op de schrijfwijze in de vergrotende trap, die kan afwijken van wat je zou verwachten.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.