🇳🇱
deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Het woord 'activiteit' betekent een handeling of bezigheid.

Bepaald (de/het)
de activiteit
"De activiteit was heel leuk."
Onbepaald (een)
een activiteit
"Ik heb een activiteit gepland."
Zonder lidwoord
activiteit
"Activiteit is belangrijk voor ontwikkeling."

Meervoudsvormen

Meerdere handelingen of bezigheden worden 'activiteiten' genoemd.

Bepaald (de)
de activiteiten
"De activiteiten beginnen om tien uur."
Zonder lidwoord
activiteiten
"Er zijn veel activiteiten dit weekend."

Verkleinwoord

activiteitje
"Het activiteitje was een groot succes."

De diminutief geeft een schattige of minder serieuze indruk.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • vrijetijdsactiviteit

    "Een vrijetijdsactiviteit kan wandelen zijn."

    leisure activity

  • onderwijsactiviteit

    "De onderwijsactiviteit was erg leerzaam."

    educational activity

Veelgebruikte woordcombinaties

  • groepsactiviteit

    "Wij doen een groepsactiviteit op school."

    Bijvoorbeeld een spel of gezamenlijke activiteit met meerdere mensen.

  • organiseren activiteit

    "We gaan een activiteit organiseren voor de kinderen."

    Om iets in goede banen te leiden en mensen samen te brengen.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:'Activiteit' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • register:Gebruik 'activiteiten' in formele situaties, zoals werk of onderwijs.
  • usage:'Activiteit' is een algemeen begrip voor verschillende soorten handelingen.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.