Afleveren
Hulpwerkwoord
hebben
regelmatig werkwoord (zwak werkwoord)
Het werkwoord 'afleveren' betekent het bezorgen van iets op een bepaalde plaats. Het wordt vaak gebruikt in de context van pakketten, bestellingen of documenten.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Ik moet het pakket voor vijf uur afleveren.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft de boeken gisteren afgeleverd.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Lever dit document vandaag nog af!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Zij leverde de bloemen af bij het ziekenhuis.
verleden tijd, aantonende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.