NEDERLANDS
🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

regelmatig werkwoord (zwak werkwoord)

Het werkwoord 'afleveren' betekent het bezorgen van iets op een bepaalde plaats. Het wordt vaak gebruikt in de context van pakketten, bestellingen of documenten.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • Ik moet het pakket voor vijf uur afleveren.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft de boeken gisteren afgeleverd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Lever dit document vandaag nog af!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Zij leverde de bloemen af bij het ziekenhuis.

    verleden tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.