Bang
Attributieve vormen
Als je 'bang' gebruikt voor een zelfstandig naamwoord, zeg je meestal 'bange'. Bijvoorbeeld: 'de bange jongen' of 'een bange vogel'. Dit betekent dat iemand of iets angst heeft.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je 'bang'. Bijvoorbeeld: 'De hond is bang'. Dit vertelt hoe iemand zich voelt.
Vergrotende trap
Als je wilt zeggen dat iets of iemand meer angst heeft dan iets of iemand anders, gebruik je 'banger'. Bijvoorbeeld: 'Zij is banger voor honden dan voor katten'.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Als je wilt zeggen dat iets of iemand het meest angst heeft, gebruik je 'bangst' (na 'zijn') of 'bangste' (voor een zelfstandig naamwoord). Bijvoorbeeld: 'Hij is het bangst van allemaal' of 'Dit is de bangste film die ik ooit heb gezien'.
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:Het adjectief 'bang' heeft in de stellende trap zowel 'bang' als 'bange' vormen, afhankelijk van de context. Voor zelfstandige naamwoorden gebruik je meestal 'bange'.
- spelling:In de overtreffende trap verandert 'bang' naar 'bangst' (predicatief) en 'bangste' (attributief).
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.