🇳🇱

Banken

Hulpwerkwoord

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'banken' verwijst specifiek naar het uitvoeren van financiële transacties of het beheren van geldzaken bij een bank.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik bank al tien jaar bij deze bank.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Bank je liever online of in een filiaal?

    tegenwoordige tijd, vragende wijs

  • Hij heeft nog nooit online gebankt.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als ik rijk was, zou ik bij een privébank banken.

    onvoltooid verleden toekomende tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.