Barsten
Hulpwerkwoord
zijn
onovergankelijk werkwoord (kan niet met een lijdend voorwerp gebruikt worden)
Wordt vaak figuurlijk gebruikt om sterke emoties of fysieke toestanden uit te drukken, zoals 'barsten van het lachen' of 'barsten van de honger'.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
De ballon barstte toen het kind hem oppompte. (The balloon burst when the child inflated it.)
verleden tijd, aantonende wijs
Als de spanning te hoog wordt, kan de leiding barsten. (If the pressure gets too high, the pipe can burst.)
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Ik ben gebarsten van de honger na die lange wandeling. (I am bursting with hunger after that long walk.)
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Barst niet van jaloezie, het is niet de moeite waard. (Don't burst with jealousy, it's not worth it.)
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.