Enkelvoudsvormen
'Bel' is een zelfstandig naamwoord dat een geluidsinstrument aanduidt.
- Bepaald (de/het)
- de bel
- "De bel klinkt."
- Onbepaald (een)
- een bel
- "Ik heb een bel gekocht."
- Zonder lidwoord
- bel
- "Bel klinkt mooi."
Meervoudsvormen
De vorm 'bellen' verwijst naar meerdere van dit instrument.
- Bepaald (de)
- de bellen
- "De bellen zijn luid."
- Zonder lidwoord
- bellen
- "Er staan bellen op de tafel."
Verkleinwoord
Een belletje is meestal kleiner en kan een schattige of minder belangrijke bijwerking hebben.
informal
Veelgebruikte samenstellingen
fietsbel
"Hij heeft een nieuwe fietsbel gekocht."
een bel voor een fiets
schoolbel
"De schoolbel ging om drie uur."
de bel die het begin of einde van de schooltijd aangeeft
Veelgebruikte woordcombinaties
doorbel
"De deurbel gaat aan als er iemand aanbelt."
Een deurbel is de bel bij de voordeur.
bel rinkelen
"Hij laat de bel rinkelen voor aandacht."
Dit betekent dat iemand de bel luidt.
Belangrijke opmerkingen
- countability:'Bel' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
- usage:Het woord 'bel' wordt vaak gebruikt in alledaagse gesprekken.
- register:Formeel kan 'bel' gebruikt worden in technische of educatieve contexten.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.