Hulpwerkwoord hebben
werkwoord
Het werkwoord 'belonen' verwijst naar het geven van een beloning als een vorm van erkenning.
Aanvoegende wijs Ik hoop dat hij mij belone.
Infinitief Je moet hard werken om te belonen.
Tegenwoordige tijd ik
Ik belonen de beste studenten.
jij / je
Jij beloon de medewerkers voor hun harde werk.
u
U beloont de deelnemers naar hun prestaties.
hij
Hij beloont zijn vrienden met cadeaus.
zij / ze
Zij beloont haar kinderen met lekkere snoepjes.
het
Het beloont om goed je best te doen.
wij / we
Wij beloont onszelf na hard werken.
jullie
Jullie beloont je team na het behalen van het doel.
Tegenwoordig deelwoord De belonend actie motiveert de werknemers.
De belonende sfeer helpt bij motivatie.
Gebiedende wijs Beloon de kinderen voor hun inzet.
Beloont ze als ze goed presteren.
Voltooid deelwoord Hij is beloond voor zijn harde werk.
Verleden tijd ik
Ik beloonde hem voor zijn inzet.
wij / we
Wij beloonden de spelers na de wedstrijd.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.