🇳🇱
Bijvoeglijk naamwoordA2

Attributieve vormen

Als je zegt 'de beschaafde man' of 'een beschaafd meisje', gebruik je 'beschaafd' vóór het zelfstandig naamwoord.

Met bepaald lidwoord
de beschaafde
"De beschaafde man gedraagt zich goed."
Met onbepaald lidwoord
een beschaafd
"Hij is een beschaafd persoon."
Zonder lidwoord
beschaafd
"Ze spreekt beschaafd."

Predicatieve vorm

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'beschaafd': De man is beschaafd.

beschaafd
"Hij is beschaafd."

Vergrotende trap

Als je zegt 'beschaafder', dan vergelijk je twee dingen. Bijvoorbeeld: 'Hij is beschaafder dan zijn broer.'

Grondvorm
beschaafder
"Hij is beschaafder dan de anderen."
Met "dan"
beschaafdere
"Zij is de beschaafdere van de groep."

Overtreffende trap

De superlative vorm 'beschaafdste' gebruik je voor de hoogste graad. Bijvoorbeeld: 'Zij is de beschaafdste in de klas.'

Attributief
de beschaafdste
"Hij is de beschaafdste man die ik ken."
Predicatief
beschaafdste
"Hij is de beschaafdste in zijn klas."

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Beschaafd' verwijst naar een manier van gedragen en spreken; het wordt vaak gebruikt bij mensen.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.