Bespreken
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord
Wordt vaak gebruikt in formele of professionele contexten om discussies of overleg aan te duiden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Ik bespreek de agenda met mijn collega's.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij besprak het contract met de klant.
verleden tijd, aantonende wijs
We hebben het al besproken.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Bespreek dit alsjeblieft met je leidinggevende.
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.