Beugel
Enkelvoudsvormen
'Beugel' is een zelfstandig naamwoord dat meestal in het enkelvoud gebruikt wordt als het gaat om één beugel. Het woord verwijst vaak naar een tandbeugel, maar kan ook andere soorten beugels betekenen (bijv. in kleding of constructies).
- Bepaald (de/het)
- Onbepaald (een)
- Zonder lidwoord
Meervoudsvormen
Het meervoud 'beugels' wordt gebruikt als er meerdere beugels bedoeld worden, bijvoorbeeld bij verschillende patiënten of soorten beugels.
- Bepaald (de)
- Zonder lidwoord
Verkleinwoord
Het verkleinwoord 'beugeltje' wordt vaak gebruikt om iets schattig of minder serieus te maken, bijvoorbeeld bij het praten over kinderbeugels of als je het minder zwaar wilt laten klinken.
informeel
Veelgebruikte samenstellingen
tandbeugel
Een beugel die gebruikt wordt om tanden recht te zetten.
beugelbehandeling
De behandeling waarbij een beugel wordt gebruikt.
beugelpleister
Een pleister die gebruikt wordt om irritatie door een beugel te voorkomen.
Veelgebruikte woordcombinaties
dragen
'Dragen' wordt vaak gebruikt met 'beugel' om aan te geven dat iemand de beugel in heeft.
aanpassen
'Aanpassen' betekent dat de beugel strakker of losser gemaakt wordt door de orthodontist.
pijn doen
Dit geeft aan dat de beugel ongemak of pijn veroorzaakt, vooral na een aanpassing.
uitdoen
'Uitdoen' betekent dat de beugel verwijderd wordt, meestal als de behandeling klaar is.
Belangrijke opmerkingen
- usage:In het dagelijks taalgebruik verwijst 'beugel' bijna altijd naar een tandbeugel. In andere contexten (bijv. techniek of kleding) wordt het woord minder vaak gebruikt.
- countability:'Beugel' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus zeggen 'één beugel', 'twee beugels', enzovoort.
- register:In formele medische contexten wordt vaak 'orthodontische apparatuur' of 'tandregulatie' gezegd in plaats van 'beugel'.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.