NEDERLANDS
🇳🇱

Bewoner

deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Het woord 'bewoner' wordt gebruikt om één persoon aan te duiden die ergens woont. Het is een mannelijke vorm, maar kan ook gebruikt worden voor vrouwen (de bewoner).

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm 'bewoners' wordt gebruikt om meerdere personen aan te duiden die ergens wonen. Het meervoud is regelmatig en eindigt op '-s'.

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Wordt zelden gebruikt, meestal in een speelse of kinderlijke context om iets kleins of schattigs aan te duiden.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • appartementbewoner

    iemand die in een appartement woont

  • huisbewoner

    iemand die in een huis woont

  • stadbewoner

    iemand die in een stad woont

  • bewonersvergadering

    een bijeenkomst van bewoners, vaak om zaken over hun woonplek te bespreken

Veelgebruikte woordcombinaties

  • van het huis

    Vaak gebruikt om aan te geven wie in een specifiek huis woont.

  • van de flat

    Gebruikt om aan te geven wie in een specifiek flatgebouw woont.

  • rechten en plichten

    Vaak gebruikt in juridische of formele contexten om aan te geven wat bewoners mogen en moeten doen.

  • klacht indienen

    Veelvoorkomende handeling die bewoners doen bij overlast.

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Bewoner' wordt vaak gebruikt in combinatie met een plaatsaanduiding, zoals 'bewoner van het huis', 'bewoner van de straat', of 'bewoner van de stad'.
  • countability:'Bewoner' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus spreken van 'één bewoner', 'twee bewoners', enzovoort.
  • register:In formele teksten of juridische documenten zie je vaak combinaties zoals 'bewonersbelang' of 'bewonersparticipatie'.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.