🇳🇱

Bezig

Bijvoeglijk naamwoordA2

Attributieve vormen

Als je zegt 'de bezige bij', of 'een bezige student', gebruik je 'bezige' vóór het zelfstandig naamwoord.

Met bepaald lidwoord
Met onbepaald lidwoord
Zonder lidwoord

Predicatieve vorm

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'bezig': Hij is bezig met zijn studie.

Vergrotende trap

Voor de vergrotende trap gebruik je 'bezigere': Hij is drukker bezigere dan zijn vrienden.

Grondvorm
Met "dan"

Overtreffende trap

In de overtreffende trap gebruik je 'bezigst': Zij is de bezigst met haar werk.

Attributief
Predicatief

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Bezig' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand actief is met iets.
  • spelling:'Bezig' verandert in 'bezigere' en 'bezigst' in de vergrotende en overtreffende trap.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.