Bezig
Bijvoeglijk naamwoordA2
Attributieve vormen
Als je zegt 'de bezige bij', of 'een bezige student', gebruik je 'bezige' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'bezig': Hij is bezig met zijn studie.
Vergrotende trap
Voor de vergrotende trap gebruik je 'bezigere': Hij is drukker bezigere dan zijn vrienden.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
In de overtreffende trap gebruik je 'bezigst': Zij is de bezigst met haar werk.
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Bezig' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand actief is met iets.
- spelling:'Bezig' verandert in 'bezigere' en 'bezigst' in de vergrotende en overtreffende trap.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.