Bijvullen
Hulpwerkwoord
hebben
Scheidbaar werkwoord: 'bijvullen' wordt gesplitst in 'bij' en 'vullen' in bepaalde vormen.
'Bijvullen' betekent iets aanvullen tot het gewenste niveau of hoeveelheid, vaak gebruikt in contexten zoals winkels, voorraden of dagelijkse taken.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Kun je de suikerpot bijvullen?
tegenwoordige tijd, vragend
Hij heeft de tank bijgevuld voordat we vertrokken.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonend
Vul de flessen bij als ze leeg zijn.
tegenwoordige tijd, gebiedend
Zij vulde de voorraadkast bij na de drukte.
verleden tijd, aantonend
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.