NEDERLANDS
🇳🇱

Binnenlopen

Werkwoord

Hulpwerkwoord

zijn of hebben

onovergankelijk, scheidbaar samengesteld werkwoord

Het werkwoord 'binnenlopen' kan zowel letterlijk (een ruimte betreden) als figuurlijk (bijvoorbeeld een winkel bezoeken) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • Ik loop even binnen om te kijken of alles in orde is.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Gisteren liep hij zomaar binnen zonder te kloppen.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Loop gerust binnen als je zin hebt in een praatje.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • We zijn gisteravond nog even bij de buren binnengelopen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.