NEDERLANDS
🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

onovergankelijk, regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'blozen' drukt vaak een fysieke reactie uit op verlegenheid, schaamte of opwinding.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik bloos altijd als ik in het middelpunt van de belangstelling sta.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft gebloosd toen ze hem een kus gaf.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Bloos niet zo vaak, het is nergens voor nodig!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Het is jammer dat zij zo vaak bloost, ze is anders zo zelfverzekerd.

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.