NEDERLANDS
🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

zwak werkwoord (regelmatig, maar met een sterke contextuele lading)

Het werkwoord 'bommen' heeft een zeer specifieke en vaak negatieve connotatie, omdat het verwijst naar het plaatsen of laten ontploffen van bommen. Het wordt meestal gebruikt in militaire, terroristische of noodsituaties.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • De luchtmacht bombt het vijandelijke kamp.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft gisteren een leeg gebouw gebombd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als zij het gebied zouden bommen, zou er veel schade zijn.

    onvoltooid verleden toekomende tijd, voorwaardelijke wijs

  • Bom dat gebouw niet!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.