Boom
deZelfstandig naamwoordA2
Enkelvoudsvormen
Het woord 'boom' is een de-woord (de boom).
- Bepaald (de/het)
- Onbepaald (een)
- Zonder lidwoord
Meervoudsvormen
In het meervoud zijn het 'de bomen'.
- Bepaald (de)
- Zonder lidwoord
Verkleinwoord
Diminutief gebruikt voor een kleine boom of om iets schattig te maken.
informal
Veelgebruikte samenstellingen
palmboom
Een soort boom die in warme klimaten groeit.
fruitboom
Een boom die vruchten draagt.
Veelgebruikte woordcombinaties
onder de boom
Een uitdrukking die betekent dat je iets doet in de schaduw of ruimte van een boom.
boom groeien
Dit betekent dat iets snel groter of belangrijker wordt.
Belangrijke opmerkingen
- countability:'Boom' is een telbaar zelfstandig naamwoord; je kan het tellen (één boom, twee bomen).
- register:Het woord 'boom' wordt vaak in informele teksten of spraak gebruikt.
- usage:'Boom' kan samen met andere woorden worden gebruikt voor specifieke soorten bomen, zoals 'fruitboom'.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.