NEDERLANDS
🇳🇱

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Tegenwoordig deelwoord

Voltooid deelwoord

Gebiedende wijs

Aanvoegende wijs

Voorbeelden

  • Ik borrel graag op vrijdagavond met vrienden.

    tegenwoordige tijd, indicatief

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.