🇳🇱

Broek

deZelfstandig naamwoordA1

Enkelvoudsvormen

Het zelfstandig naamwoord 'broek' verwijst naar een kledingstuk dat je op je benen draagt.

Bepaald (de/het)
Onbepaald (een)
Zonder lidwoord

Meervoudsvormen

De meervoudsvorm is 'broeken'.

Bepaald (de)
Zonder lidwoord

Verkleinwoord

Diminutieve vormen zoals 'broekje' worden vaak gebruikt voor kleinere maten of als schattige aanspreekvorm.

informeel

Veelgebruikte samenstellingen

  • spijkerbroek

    een broek van spijkerstof

  • sportbroek

    een broek voor sportactiviteiten

Veelgebruikte woordcombinaties

  • broekmaat

    Broekmaat verwijst naar de maat van een broek, vaak in gebruik bij het kopen van kleding.

  • broekzak

    Broekzak is de zak in een broek waar je spullen in kunt doen.

Belangrijke opmerkingen

  • countability:Broek is telbaar; je kunt één broek of meerdere broeken hebben.
  • register:In formele contexten kan 'broek' gebruikt worden, maar in informele gesprekken is het veel voorkomend.
  • usage:De term 'broek' kan ook breed worden ingezet bij het praten over mode of kleding.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.