Chocolade
Bijvoeglijk naamwoordB1
Attributieve vormen
Als je 'chocolade' gebruikt voor een zelfstandig naamwoord, zeg je gewoon 'chocolade'. Bijvoorbeeld: 'een chocolade koekje' of 'de chocolade melk'. Het verandert niet.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na werkwoorden zoals 'zijn' of 'worden' gebruik je ook 'chocolade'. Bijvoorbeeld: 'De smaak is chocolade.'
Vergrotende trap
Om te zeggen dat iets meer chocolade is dan iets anders, gebruik je 'meer chocolade'. Bijvoorbeeld: 'Deze reep is meer chocolade dan die andere.'
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Om te zeggen dat iets het meest chocolade is, gebruik je 'meest chocolade'. Bijvoorbeeld: 'Dit is de meest chocolade taart.'
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- usage:'Chocolade' wordt meestal niet verbogen als adjectief. Het blijft 'chocolade' in alle vormen, behalve bij vergelijkingen waar 'meer' en 'meest' worden gebruikt.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.