Constant
Attributieve vormen
Als je 'constant' voor een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert het soms. Bij 'de'-woorden en meervoud zeg je 'constante': 'de constante druk', 'constante problemen'. Bij 'het'-woorden zonder lidwoord zeg je 'constant': 'constant geluid'.
- Met bepaald lidwoord
- Met onbepaald lidwoord
- Zonder lidwoord
Predicatieve vorm
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'constant'. Bijvoorbeeld: 'De snelheid is constant'. Het verandert niet, ook niet bij 'de' of 'het'.
Vergrotende trap
Als je iets wilt vergelijken, gebruik je 'constanter'. Bijvoorbeeld: 'Deze klok loopt constanter dan die andere'. Voor 'de'-woorden en meervoud gebruik je 'constantere': 'constantere resultaten'.
- Grondvorm
- Met "dan"
Overtreffende trap
Voor het hoogste niveau gebruik je 'constantst' of 'constantste'. Na 'het is' of 'het wordt' zeg je 'constantst': 'Dit apparaat is het constantst'. Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'constantste': 'de constantste meting'.
- Attributief
- Predicatief
Belangrijke opmerkingen
- spelling:In de overtreffende trap wordt 'constantst' gebruikt als predicatief en 'constantste' als attributief. Let op de spelling met 'st' aan het einde.
- usage:'Constant' wordt vaak gebruikt om iets te beschrijven dat niet verandert of steeds doorgaat, zoals geluid, temperatuur of beweging.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.