Correct
correct
Bijvoeglijk naamwoordjuist of volgens de regels
juist
In overeenstemming met de feiten of de juiste informatie.
Je hebt het correcte antwoord gegeven.
beleefd
Netjes en volgens de regels van goed gedrag.
De medewerker bleef correct, ook toen de klant boos werd.
correct antwoordcorrecte spellingcorrect gebruikcorrect gedrag