Dooien
Hulpwerkwoord
hebben
onovergankelijk en overgankelijk werkwoord; betekent 'van een vaste naar een vloeibare toestand overgaan' (bijv. ijs dat smelt) of 'bevroren voedsel ontdooien'.
Het werkwoord 'dooien' wordt vaak gebruikt in de context van voedselbereiding of weersomstandigheden. Informeel kan het ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld 'mijn hart dooide' om aan te geven dat iemand zich opener of warmer ging gedragen.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
jullie
Voorbeelden
Het ijs dooit snel door de warme zon.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Ik heb de kip gisteren gedooid.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Dooi het vlees voordat je het gaat braden.
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Het is beter dat het vlees langzaam dooie in de koelkast.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.