NEDERLANDS
🇳🇱

    Doorgewinterd

    B2uncommonZipf 2.2

    adjectief; de winter doorkomen

    • doorgewinterd

      Bijvoeglijk naamwoord/'dorɣəwɪntərt/

      stellende trap

      doorgewinterddoorgewinterdedoorgewinterds

      vergrotende trap

      doorgewinterderdoorgewinterderedoorgewinterders

      overtreffende trap

      doorgewinterdstdoorgewinterdste
    • doorwinteren

      Werkwoord/'dorwɪntərən; 'dorwɪntərə/

      de winter doorkomen

      infinitief

      doorwinteren

      tegenwoordige tijd

      winter doordoorwinterwintert doordoorwintertwinteren doordoorwinteren

      verleden tijd

      winterde doordoorwinterdewinterden doordoorwinterden

      tegenwoordig deelwoord

      doorwinterenddoorwinterende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren