Doorvertellen
Hulpwerkwoord
hebben
scheidbaar werkwoord
Het werkwoord 'doorvertellen' betekent het doorgeven van informatie, vaak mondeling. Het kan zowel neutraal als negatief (bijv. roddelen) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik vertel het nieuws door aan mijn familie.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Heb je het geheim al doorverteld?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij vertelde de roddel door aan iedereen op school.
verleden tijd, aantonende wijs
Vertel het alsjeblieft niet door!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.