NEDERLANDS
🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

onregelmatig werkwoord, transitief

Het werkwoord 'dwingen' drukt vaak een sterke mate van druk of verplichting uit. Het kan zowel fysieke als psychologische druk impliceren.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

  • jullie

Voorbeelden

  • De leraar dwingt de leerlingen om hun telefoons uit te zetten tijdens de les.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij dwong haar broer om zijn kamer op te ruimen.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Ik heb hem gedwongen om de waarheid te vertellen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • De situatie dwingt ons om snel te handelen.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.