Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de eigen auto' of 'een eigen kamer', gebruik je 'eigen' vóór het zelfstandig naamwoord om te laten zien dat het van jou is.
- Met bepaald lidwoord
- de eigen
- "Dat is de eigen auto van mijn vader."
- Met onbepaald lidwoord
- een eigen
- "Ik heb een eigen kamer."
- Zonder lidwoord
- eigen
- "Hij heeft zijn eigen spullen."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'eigen': De spullen zijn eigen aan ons.
Vergrotende trap
Als je iets vergelijkt, zeg je 'eigener': Dit project is eigener dan dat project, wat betekent dat het meer van jou is.
- Grondvorm
- eigener
- "Dit idee is eigener dan dat idee."
- Met "dan"
- eigeners
- "Jullie werk is eigenlijk eigeners dan het mijne."
Overtreffende trap
In de overtreffende trap gebruik je 'de eigenst': Dit is de eigenst mogelijke oplossing voor ons probleem.
- Attributief
- de eigenst
- "Dat is de eigenst mogelijke manier om het te doen."
- Predicatief
- eigenste
- "Dit is het eigenste huis hier."
Belangrijke opmerkingen
- usage:‘Eigen’ kan ook gebruikt worden om iets als persoonlijk te benadrukken.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.