NEDERLANDS
🇳🇱

Elastieken

Werkwoord

Hulpwerkwoord

hebben

zwak werkwoord, regelmatig (met kleine afwijking in spelling)

Dit werkwoord wordt voornamelijk gebruikt in informele of praktische contexten, zoals knutselen of organiseren.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Voorbeelden

  • Ik elastiek de boeken altijd voordat ik ze in mijn tas stop.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je de papieren al geëlastiekt?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Elastiek de dozen goed, anders vallen ze uit elkaar tijdens het transport.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Hij elastiekte de map gisteren, maar het elastiekje is alweer losgegaan.

    verleden tijd, aantonende wijs

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.