NEDERLANDS
🇳🇱

    Examenperiode

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de examenperiode

      Zelfstandig naamwoord/ɛk'samənperijodə; ɛk'saməperijodə/

      enkelvoud

      examenperiode

      meervoud

      examenperiodenexamenperiodes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren